Als iemand de finish niet haalt heb ik gefaald

Sportmasseur Stan Klink bereid lopers voor op de marathon.

De grote hardloopevenementen komen er weer aan. Duizenden lopers, beginners, gevorderden en professionals, wagen zich aan hele of halve marathons. Een sportmasseur kan veel betekenen in de voorbereiding en nazorg. Stan Klink, sportzorgmasseur uit Leiden, begeleidt al jaren hardlopers van allerlei niveaus.


In zijn praktijkruimte in Leiden, van Bizz-Sports in het gebouw van LuckyGym, hangt het vol met aandenkens aan topsporters. Stan Klink is sport- zorgmasseur en gediplomeerd hardlooptrainer. Met zijn kennis op beide vakgebieden begeleidt de 58-jarige Klink gerenommeerde sporters en beginnende lopers voor op de evenementen die komen gaan. “Op het moment is hardlopen een hype”, stelt Stan.


Fysieke trainingen

“Je moet een marathon hebben gelopen om mee te kunnen praten met de hardloopfans. Beginnende lopers hebben alleen nog geen ervaring in wat het betekent om regelmatig een inspanning te leveren. Dat gaat altijd gepaard met pijn in spie- ren, pezen en gewrichten. Het lichaam is eigenlijk nog niet klaar om een dergelijke inspanning te leveren.” Hij raadt lopers aan om eerst ervaring op te doen met bijvoorbeeld de 10 kilometer om te ervaren wat lange inspanning met zich meebrengt. “Om het allemaal een beetje onder controle te krijgen, is massage onontbeerlijk. Door massage worden namelijk de afvalstoffen in de spieren afgevoerd. Na verloop van tijd kan de sporter steeds sneller de draad oppakken.” Stan is samen met zijn neef Dave eigenaar van het bureau Bizz-Sports, dat fysieke trainingen ver- zorgt voor bedrijven en instellingen. Ook heeft hij een aantal topatleten begeleid, van wie enkele actief waren tijdens de Spelen van Rio de Janeiro. Die begeleiding heeft hij nu stopgezet, maar een aantal topsporters weet nog altijd de weg naar zijn massagetafel te vinden. “Satoshi Ishii, die als judoka olympisch goud won in Peking en tegenwoordig furore maakt in het mixed martial arts, ligt vaak bij mij op de tafel. Hij komt al drie jaar bij mij en er is een vertrouwensband. Ook aller- lei andere sporters behandel ik. Door middel van massage herstelt een sporter sneller en dus kan hij zijn programma optimaal uitvoeren.”


A-status

Een groot aantal wedstrijdlopers vertrouwt even- eens op de kwaliteiten van de man die zelf ook ooit een begenadigd loper was. “Die zie ik elke week. Soms vooraf, als het lichaam nog niet hele- maal goed voelt en er een loop aankomt in het weekend. Ik heb een keer Gregory Sedoc behandeld tijdens de Gouden Spike [een atletiekwedstrijd in het nationale baancircuit, red.]. Een halfuur voor de finale. Zijn hamstring stond onder spanning. Ik heb hem toen kunnen helpen. Het mooie daarvan was de wisselwerking tussen de loper en de sportmasseur. Op basis van wat hij zegt en wat ik doe, komt er een goede behandeling tot stand.” Een sportmasseur is geen fysiotherapeut. Maar in het geval van de sportzorgmasseur, zoals Stan is, zijn er wel raakvlakken. Stan is aangesloten bij het olympisch netwerk Zuid-Holland en als sportzorgmasseur is hij onderdeel van de zoge- naamde ‘sportzorgketen’. “Ik ben gecertificeerd bij het SCAS. Als je de classificatie ‘sportzorgmasseur’ hebt, vergoeden sommige verzekeraars de consulten. Atleten met een A-status bij NOC*NSF kunnen zich bij mij laten behandelen. Ik mag heel veel dingen behandelen, met name op het gebied van blessurepreventie”, zegt Stan. “Als ik zie dat ik met mijn behandeling niet verder kom, ben ik zo eerlijk om iemand door te sturen naar de fysiotherapeut. Omgekeerd sturen de fysiotherapeuten hier in het pand ook vaak mensen naar mij door, of een chiropractor doet dat. We hebben hier veel onderling overleg. Soms zegt een fysiotherapeut: "Eerst losmaken door middel van massage, dan mobiliseren.’ Als er mensen bij mij komen met rug- of bekkenklachten, laat ik ze vaak eerst door de fysiotherapeut bekijken.”


Een van die behandelingen die Stan als sportzorgmasseur kan toepassen, is het kijken waar de looptechniek verbeterd kan worden. Het is natuurlijk ideaal dat hij ook looptrainer is. “Ik kan specifieke oefeningen geven om iemand fysiek sterker te maken. Wat ik doe, is een combinatie van training, begeleiding en massage.”


Masseren

Grappig genoeg is Stan niet ‘altijd’ al bezig geweest in de sportbegeleiding. “Ik kom uit de financiële wereld. Op een bepaald moment vond er een reorganisatie plaats waar ik werkte. Ik was al fanatiek aan het lopen, had mijn looptrainers- diploma en besloot me toen tussentijds te gaan bijscholen. Daartoe ben ik ‘getriggerd’ door mijn voormalige sportmasseuse Petra Langereis. Ik wilde in mijn volgende carrière zo breed mogelijk inzetbaar zijn.” Veel van zijn klanten zijn actief in het hardlopen, vaak ook op de langere afstanden zoals de halve en hele marathon. Klink speelt een belangrijke rol in het herstel na een dergelijke inspanning, al is dat niet altijd op een manier die de lopers voor ogen hadden. “Ik ben er een voorstander van om na een marathon één tot twee weken helemaal niet te lopen. Ga lekker fietsen of zwemmen in de tussentijd. Maar het sociale aspect speelt een rol. Mensen gaan naar de club, ook om te praten over de wedstrijd die ze net hebben gelopen. Toch is het beter van niet. Eén tot twee dagen na de wedstrijd is een goed moment om je te laten masseren. En daarna één keer per week. Tijdens

bijvoorbeeld de Leiden Marathon kun je je meteen na afloop laten masseren. Dat is meer een service aan het publiek dan dat het echt helpt. Net na afloop is iedereen helemaal hyper. Het lichaam is dan eigenlijk nog niet voldoende tot rust gekomen.” Ook in de voorbereiding op een grote loop moeten de sporters goed naar hun lichaam luisteren, zegt Stan. “Je moet ‘schoon’ aan een marathon beginnen. Sluimerende klachten moeten weg zijn voor je aan zo’n loop of zelfs maar aan de training ervoor begint. Soms starten mensen een schema terwijl ze een flinke blessure hebben. Zelfs de fysiotherapeut of de sportmasseur kan dat probleem niet in één keer oplossen.”


Reset

Hij ziet het als zijn opdracht om de mensen die zich tot hem wenden, te laten slagen in hun missie. “Er waren mensen bij me die al overal waren geweest, tot aan de haptonoom aan toe. Niets werkte, toch heb ik ze aan het lopen gekregen. Eén keer heb ik gehad dat een persoon de finish niet heeft gehaald. Dan heb ik gefaald. Gelukkig heb ik de meesten overeind weten te houden. Ik ben ooit wel eens gebeld terwijl ik als sportverzorger bij een voetbalwedstrijd was: ik heb de finish gehaald van de marathon van Berlijn, hoorde ik aan de andere kant. Dat was een heerlijk gevoel.” De grote loopwedstrijden komen er weer aan. Dat betekent een heleboel werk voor Stan. “Het lichaam moet er klaar voor zijn, er moet eigen- lijk een soort ‘reset’ hebben plaatsgevonden. De

momenten waarop je traint, zijn belangrijk. Ik heb altijd veel respect voor de lopers van de marathon van Rotterdam. Die trainen altijd tijdens koude periodes en in slecht weer. Mensen worden weerbaarder als ze in de winter trainen.” Wie hem hoort praten over zijn specialismen, weet dat hij met zijn hart met zijn vak bezig is. Dat is onontbeerlijk volgens Stan. “Alles staat of valt met vertrouwen. Ook in het behandelen. Men weet mij te vinden. Topsporters hebben altijd zoiets van: aan mijn lijf geen polonaise. Je kunt dan ook geen huis-, tuin- en keukenmassage bieden. Vaak krijg ik hier mensen die al op verschillende manieren zijn behandeld, zonder resultaat. Meestal krijg ik ze aan de praat en dat is een mooi gevoel. Een van de fysiotherapeuten hier in het pand is zelf triatleet. Die zegt altijd grappend: ‘Aan mijn lijf geen fysio- therapeut.’ En dan komt hij bij mij op de massagetafel liggen.”

Copyright: Nederlands Genootschap voor Sportmassage 2018
Professor Bronkhorstlaan 26 - 3723 MB Bilthoven - 088 730 8500 -info@vindeenmasseur.nl - www.vindeenmasseur.nl Privacyverklaring